De dokter zal met de patiënte het moment van de reconstructie overleggen: tijdens de borstamputatie (onmiddellijke reconstructie) of later (uitgestelde reconstructie).
Er bestaat geen algemene regel voor het bepalen van het tijdstip van de reconstructie. Dit hangt immers af van verschillende factoren die van patiënte tot patiënte verschillen, zoals de effecten van de radiotherapie, de uitgebreidheid van de tumor en vooral de mate waarin de patiënte deze ingreep zelf wenst. De meeste vrouwen wachten ongeveer een jaar na een aanvullende radiotherapie maar sommigen kiezen voor een onmiddellijke reconstructie.
De verschillende reconstructiemogelijkheden
Voor de borstreconstructie kunnen verschillende chirurgische technieken worden gebruikt:
- reconstructie door prothese
- reconstructie met eigen weefsel:
- huidspierlap van de rug
- huidspierlap van de buik
- huid en vetweefsel van de buik
Bij elke methode is het ook mogelijk het tepelhof en de tepel te reconstrueren. De vorm en het volume van de andere borst kunnen worden aangepast, zodat beide borsten een sterke gelijkenis vertonen.
Reconstructie door prothese
Dit soort reconstructie is mogelijk als de huid en de grote borstspier intact zijn en in voldoende hoeveelheid voorhanden zijn, en als de patiënte geen radiotherapie heeft ondergaan. Er kan dan in alle veiligheid een prothese onder deze weefsels worden geplaatst, met een mooie, natuurlijk ogende welving als resultaat.
De prothese wordt achter de grote borstspier aangebracht. Hiertoe wordt gebruikgemaakt van een deel van het litteken van de amputatie.
De prothese is van het anatomische type (druppelvormig) en bestaat uit siliconegel.
In bepaalde situaties staat de prothese in verbinding met een klepje dat onder de huid van de borstkas wordt aangebracht. Dit type van reconstructie steunt op weefselexpansie, dat wil zeggen het vermogen van de huid en de spieren om zich geleidelijk te laten uittrekken, zoals dat bijvoorbeeld tijdens de zwangerschap gebeurt met de huid van het abdomen. Bij het plaatsen van de prothese is het deel waarin de fysiologische oplossing moet komen, leeg. Het zal geleidelijk worden gevuld door inspuitingen die tijdens wekelijkse consultaties door de huid heen in het klepje worden toegediend onder lokale verdoving. De injectie is pijnloos. De toename van het volume geeft gedurende 24 uur na de injectie een opgespannen gevoel.
Voordelen van beide prothesen: de afwezigheid van een bijkomend litteken en de korte duur van de ingreep en van de ziekenhuisopname.
Nadelen: de prothese is een lichaamsvreemd voorwerp, waardoor de prothese met de tijd niet zoals de andere borst evolueert, en de vorm van de prothese is definitief.
Reconstructie met huidspierflap van de rug
Een flap bestaande uit de grote rugspier en de huid en het vetweefsel die deze spier bedekken, vormt ideaal reconstructiemateriaal.
De gepreleveerde huid is spoelvormig en zal gebruikt worden om het onderste deel van de borst te reconstrueren. De spier en het vetweefsel zorgen voor het volume. Soms moet onder de spier een prothese worden geplaatst om een groot volume te bereiken. Het litteken op de rug is meestal horizontaal en bevindt zich ter hoogte van het elastiekje van de beha.
De ziekenhuisopname duurt een week. Na de ingreep worden op de plaats van de wonde drains achtergelaten die na enkele dagen worden weggehaald. Er is geen gevaar voor een verminderde armfunctie.
Nadelen: een bijkomend litteken moet worden gevormd in de rug, en ter hoogte van de rug ontstaat een lymfevochtcollectie die via een punctie moet worden geledigd.
Periartritis van de schouder vormt een contra-indicatie voor deze ingreep.